De Cera Brezza techniek is een door mij ontwikkelde techniek uit 1997. Aanleiding tot de ontwikkeling van deze nieuwe techniek, was de vondst van twee bronzen beelden in de Tyrreense zee en de publicatie van een archeologisch artikel daarover. De gevonden beelden zijn van Griekse origine en werden gevonden nabij Riace, Italië.
Een bronzen hand stak boven de bodem van de zee uit en werd door een duiker opgemerkt. Zeearcheologie. Zoals met bijna alles in de wereld moesten ook deze ‘Riace’ beelden blootgesteld worden aan een onderzoek. Met gebruik van een camera wilde men doordringen tot het inwendige van het bronzen beeld. Maar dat onderzoek bleek nogal moeilijk te zijn omdat er harde keramiek, een taaie kleisoort in zat.
En dat verwonderde indertijd de archeoloog, aldus de Harald Tribune.

Een reden voor mij  als beeldend kunstenaar/bronsgieter om daarmee te gaan experimenteren, te fantaseren en de gehanteerde werkwijze te herinterpreteren, lag voor de hand. De beelden had ik toen nog niet in het echt gezien. De temperatuur om klei af te bakken (1000 graden) en de giettemperatuur van brons (1160 graden) liggen dicht bij elkaar. Dankzij het heroverdenken  oftewel het navorsen van deze techniek werd het mogelijk om in één proces zowel het klei te bakken als het brons te gieten. Maar ook om het brons in een zeer dunne laag te gieten. De Griekse beeldhouwer van toen, we hebben het over een periode van 600 voor Christus, moest in die tijd natuurlijk perfect werk afleveren.  In onze moderne tijd kan ik me permitteren om daar een geheel eigen draai aan te geven. Het moet weliswaar verantwoord en perfect zijn, maar je moet soms ook los van het gebaande pad kunnen gaan. Als bijvoorbeeld de boetseerwas te dun wordt opgezet, dan loopt het brons niet door en dan krijg je een koude loop, een gat. Maar omdat er klei onder zit, wat net eerder in tijd gebakken raakt, zien we geen gat maar zien we keramiek. We zien bij de huid van mijn Cera-Brezza beeldjes dus zowel brons als ook keramiek. Met deze eigenschappen heb ik een beetje geëxperimenteerd.

Het gekozen thema is Grieks, qua karakter en uitvoering heeft het iets archaïsch.

Een enkele uitvoering lijkt een Cycladisch herkomst te hebben, zoals bijvoorbeeld: “De Harpspeler”. Daarbij moeten we denken aan de dunne albasten beeldjes uit de Cycladische kunst. Een ander getoond beeld: “Herinnering aan Olympia” verraadt een blijmoedig terugkijken op een prettige en prozaïsche tijd in Olympia. In die tijd zwierf ik door Italië en Griekenland en werden er aan mij gedichten in het Italiaans opgedragen. De “Verliefde Amazones” zijn geïnspireerd op afbeeldingen van paarden uit een fries van Phidias. De contour, in aller eigenheid,  zit een beetje tussen brons en keramiek in.
De ontstane beelden hebben qua karakter totaal geen overeenkomst met de gevonden beelden in Riace, zoals we die momenteel kunnen bewonderen in het museum van Reggio di Calabrië. Ze zijn veel meer op te vatten als een vrije interpretatie van beeldtaal uit een door mij verzonnen Arcadië. Ze zien er op de een of andere manier erg simpel uit. Het proces als zodanig is voor mij als een soort van vakantie binnen mijn eigen werkopvatting geworden.

Cera Brezza, een zelfverzonnen benaming oftewel een frisse bries in was.